mijn trainers:


    René Goos:

    Vlaamse trainer van junioren
    nationale trainer van militairen
    trainer van Opglabbeek
    Blosotrainer A

Ik had de laatste jaren goede, persoonlijke trainers. Ze waren op de eerste plaats zeer bekwaam in hun vak. Maar ze waren ook enthousiast, positief en zelfzeker. Ze hadden mensenkennis en ze geloofden in mij.

Als je trainer één van deze dingen mist, dan moet je dat als atleet zelf aanvullen. Dat is wel mogelijk, maar het vraagt veel energie.

René, mijn judotrainer:

René was streng en er moest altijd hard gewerkt worden. Geen gezever of gezaag. Toch werd er ook veel gelachen. Hij is nationale trainer van de militairen en van de junioren.

Men verweet mij vaak dat ik geen talent heb, twee linkse handen heb. René hield zich daar niet bezig. Hij was altijd positief. Talent of geen talent, gewoon werken, dan kom je er wel. Spijtig dat ik hem maar op het einde van mijn loopbaan heb leren kennen.

Maarten, mijn kinesist en fysieke trainer:


    Maarten Thysen:

    licentiaat lichamelijke opvoeding
    licentiaat kinesitherapie
    sportkinesist
    studie van osteopathie
    kinesist van de nationale judoploeg
    kinesist aan de KUL

Maarten was een heel goede kinesist en met iedereen werkte hij vol enthousiasme. Hij wist dat iemand sterker werd door opbouwende kritiek te geven. Hij heeft mijn knie mee helpen revalideren en daarna hielp hij me met krachttraining.